Mijn dochter en ik
Ed Hoornik
Terwijl ik lees voel ik mijn dochter kijken;
ik laat niets merken en lees rustig door.
Haar leven doet zich helder aan mij voor:
het zal in alles op het mijne lijken.
Niets kan ik doen, opdat zij zal bereiken
wat ik, amper gevonden, weer verloor;
geen vindt van het geluk méér dan een spoor,
ook zij niet, en ook zij zal het zien wijken.
Ik sluit het boek. Wij zitten naast elkaar;
geen woorden tussen ons; slechts, even maar,
de glimlach van de een tegen de ander.
‘t Is of ik in mijn eigen ogen staar,
en wat daar staat, het is als water klaar,
wanneer ik langzaam in mijzelf verander.
My Daughter and I
Arno Bohlmeijer
Reading, I can feel my daughter seeing me;
I conceal that and go on reading at ease.
Her life presents itself to me clearly:
it will resemble mine in all ways.
There’s nothing I can do to help her achieve
what I’ve recently found and lost again;
no one finds more than a trace of joy;
nor will she, and she’ll also see it retreat.
I close the book. We’re side by side;
no words divide us; just for a short while
from one to the other, we smile.
It seems I’m staring into my own eyes,
and what is there, it’s crystal clear,
when I’m slowly growing into me.